Orde van Sint Jan van Jeruzalem, Hospitaalridders

Pro Fide et Utilitate Hominum

Geschiedenis

De Orde van Sint-Jan van Jeruzalem, Hospitaalridders (OSJ) is een internationale christelijke ridderorde met een geschiedenis van negenhonderd jaar.

De orde is een van de diverse voortzettingen van de historische Orde van de Hospitaalridders van Sint-Jan van Jeruzalem. Deze ridderorde werd in 1113 gesticht in Jeruzalem door kooplieden uit Amalfi (It) om de bedevaarders naar het Heilig Land onderdak en medische verzorging en, wanneer later nodig, ook militaire bescherming te bieden. Geleidelijk bouwde de orde een netwerk van prioraten, commanderijen en hospitalen uit over heel Europa. Het hoofdkwartier werd verplaatst van Jeruzalem naar achtereenvolgens Cyprus, Rhodos en Malta. Vanaf de zestiende eeuw ontstonden naast de oorspronkelijke orde protestantse varianten, opgericht door protestantse vorsten. Er ontstond ook een Russisch grootprioraat met orthodoxe ridders.

De oorspronkelijke orde werd in 1798 afgeschaft door Napoleon en haar bezittingen werden in beslag genomen. Een aantal ridders trok naar Rusland en organiseerde er onmiddellijk een doorstart van de orde met tsaar Paul I als grootmeester en met als eigenheid dat er ruimte was voor zowel katholieke als orthodoxe ridders. 

In 1803 creëerde paus Pius VII de uitsluitend katholieke voortzetting van de orde,  die de naam ‘Soevereine Militaire Orde van Malta’ draagt en die een gedeeltelijke diplomatieke status geniet.

Enkele ridders die na de Oktoberrevolutie Rusland ontvlucht waren, vestigden zich in de Verenigde Staten en Frankrijk. Van daar uit werd contact gelegd met koning Peter II van Joegoslavië, die een rechtstreekse afstammeling van tsaar Paul I was. Koning Peter richtte een oecumenische voortzetting van de orde op en gaf haar in 1964 een nieuwe constitutie.

Onze orde is deze oecumenische voortzetting van de oude Orde van de Hospitaalridders van Sint-Jan van Jeruzalem. De oprichting door koning Peter is van belang omdat alleen de paus, of koningen, of staatshoofden die niet spontaan hun troonaanspraken afstonden een ridderorde kunnen oprichten. Alleen zij zijn namelijk wat men noemt: een ‘fons honorum’. Door haar koninklijke stichting onderscheidt onze variant van de hospitaalridders zich enerzijds van de pauselijke orde, maar ook van de vele zelfbenoemde fantasie-ridderorden, die geen legitieme historische basis hebben.

De OSJ telt wereldwijd ongeveer 1.000 leden, die georganiseerd zijn in grootprioraten, prioraten en commanderijen. Het Prioraat van de Lage Landen, dat behoort tot het Grootprioraat van de Benelux, telt 160 leden en bestaat op zijn beurt uit vijf commanderijen.

De leuze van OSJ is sinds de stichting in 1113 ‘Pro fide, pro utilitate hominum’: ‘ Voor het geloof en voor het welzijn van de mensen’. Deze twee evenwaardige pijlers schragen de orde.

Het specifieke van de orde, en wat haar uniek maakt tegenover andere groeperingen en verenigingen, is inderdaad de combinatie van beide basisopdrachten, het ‘pro fide’ en het ‘pro utilitate hominum’, en ook de wijze waarop deze opdracht nagestreefd wordt, met name aansluitend bij de historische traditie van christelijke ridderschap. De combinatie van beide elementen uit de leuze is essentieel. De orde is geen gebeds- of bezinningsgroep, die zich alleen met het ‘pro fide’ zou bezig houden. Ze is ook niet alleen gericht op het ‘pro utilitate hominum’ en onder meer daardoor onderscheidt ze zich van de serviceclubs.